Het ontstaan van honden en in het bijzonder van Pyreneese Herdershonden

 

Inleiding

Ooit heeft het paard de titel nobel dier gekregen en uit eerbied voor dit levende wezen hanteren we haast menselijke termen bij paarden. Als we een paard in functie vergelijken met de hond, kunnen we vaststellen dat de hond minimaal zoveel voor de mensheid betekend moet hebben.

Als we naar het ontstaan van de hond kijken, zien we een fenomeen waar we genetisch gezien veel van terug kunnen vinden in de wolven, maar waarvan we niets met absolute zekerheid weten. Alles is gebaseerd op genetische onderzoeken, archeologische vondsten, gedragsonderzoek en de interpretatie hiervan.

Er zijn verschillende theorieën over de afkomst.

Een genetisch onderzoek in Amerika heeft aangetoond dat de oorsprong van de hond in de wolven te vinden is. Door een aantal bijzondere genetische overeenkomsten van honden en wolven onderling, verwacht men een hondachtige aan de basis heeft gestaan van wolven, honden en verwanten.

Ongeveer 100000 jaar geleden heeft die hondachtige geleefd.

 

Ontstaan van honden

De mensheid is ontstaan door de vindingrijkheid en vooral de onhebbelijkheid om alles wat nuttig kan zijn te gebruiken. Zo heeft de mens eeuwen geleden ontdekt dat de hond een nuttige bondgenoot is die het leven van de mens aangenamer kan maken. Door gebruik te maken van de natuurlijke rollen die honden in een roedel hebben, kon de mens honden zo manipuleren dat ze nuttige klusjes uitvoerden.

Honden hebben in een roedel allemaal een eigen functie. Zo heb je in een roedel honden die het wild opsporen, honden die het opdrijven, honden die het doden, honden die de roedel bewaken etc..

Doordat de mens de functies van de hond ook kon gebruiken voor hun eigen "roedel" hebben ze honden met bepaalde kwaliteiten gebruikt voor de jacht, het houden van een kudde en voor de bewaking.

postzegel uit 1977Omdat de hond nuttig ingezet kon worden bij de mens, heeft juist de hond bijgedragen aan de ontwikkeling van de mensheid. Het is niet ondenkbaar dat de hond zelfs meer invloed uitgeoefend heeft op de ontwikkeling van de mens dan de paarden.

Gedurende het verstrijken der eeuwen en door het isolement dat voor iedereen gold, omdat de meeste mensen hun hele leven in hetzelfde gebeid bleven wonen, ontstonden er in elk gebied nuttige honden. Nuttige honden die, doordat ze uit dezelfde  genenpool kwamen, op elkaar gingen lijken. Als iemand een nuttige hond had en hij dit wilde behouden, ging hij naar een nuttige hond uit de buurt en zorgde zo voor nageslacht. Door deze manier van selecteren gaf men de eerste aanzet tot het ontstaan van rassen.

In de loop van de eeuwen ontstonden er steeds meer honden die niet alleen voor hun functie gehouden werden, maar ook voor hun uitstraling.

Belangrijke mensen gaven elkaar honden die een bepaalde status aangaven. Zo gaven vele rijken elkaar speciale jachthonden en waren er koningen die zelfs gezelschapshonden erop na hielden.

Zelfs honden zoals de Chiens de montagne des Pyrénées, werden geschonken. De Chiens de montagne des Pyrénées is een roemrucht ras dat erg populair was als waakhond op o.a. kastelen. Wij kennen het ras onder de naam Pyreneese Berghond. De berghond was populair vanwege de imposante witte verschijning en vanwege de onwaarschijnlijk grote moed bij het beschermen van hun baas.

 

Ontstaan van Rashonden

De welvaart werd in Europa steeds groter en steeds meer gegoede bewoners vonden het noodzakelijk om de honden aan te schaffen. Ook vond men het steeds belangrijker om het luxe product meer aanzien te geven door het tot een hoger niveau te verheffen.

Eind 19e eeuw en begin 20e eeuw werden daarom veel rassen erkend. Eigenlijk zijn toen de meeste rassen niet ontstaan, maar bevestigd. In veel gebieden werden rassen ontdekt die al eeuwen gevormd werden en waarbij de afstammelingen op elkaar leken. Vaak waren het honden die al eeuwen een functie hadden en waarvan men nu pas de homogeniteit van de groep ontdekten. Ook zag men allerlei honden op oude schilderijen en kon men nog steeds exemplaren vinden met hetzelfde uiterlijk.

Pyreneese Herdershond volgens Graaf H.A. van BijlandtDe honden die door de gegoeden gehouden werden, werden als 1e verheven tot rashond en bleven sommige gebruiksrassen alleen maar bestaan omdat ze in hun werk uitblonken.

Pas als een gebruikshond erg opviel waren er mensen die het noodzakelijk vonden deze gebruikshond te erkennen.

 

Rashonden in Nederland.

Een bekende Nederlander, die zich inzette voor de rashonden in bredere zin, was Graaf H. A. van Bylandt.

In 1890 was de graaf gekozen als voorzitter van Cynophilia, een verenging die zich in wilde zetten voor de rashond. Later is deze verenging samen gaan werken met Nimrod, toen de verenging voor jachthonden, en hebben ze zo samen de basis gelegd voor de huidige raad van beheer.

De graaf was erg bewogen met het fenomeen rashond en is de motor geweest voor de 1e hondenshow in Nederland die in 1890 in Scheveningen georganiseerd werd.

De graaf zijn betrokkenheid met de rashond ging erg ver, want, naast zijn inzet in Cynophilia heeft hij ook veel rashonden buiten Nederland in kaart proberen te brengen. Hij heeft alle honden, die hem opvielen als iets bijzonders, beschreven in een aantal boeken. Vaak waren het rassen die niet bestonden maar honden die vernoemd waren naar het gebeid waar ze in leefden en de functie die ze hadden. Zo heeft hij de Pyreneese herdershond beschreven, nog voordat het een erkende rashond was.

In 1894 presenteerde hij zijn eerste boek over honden, in 1897 kwam er een nog een boek uit en omdat men internationaal het boek gevraagd werd kwam er in 1904 een encyclopedie van 2 delen uit, met de titel "dogs of all nations". De encyclopedie was geschreven in het Engels, Frans, Duits en Nederlands. In deel 1 waren de zgn "sporting dogs" beschreven en in deel 2 de "Terriers en de non-sporting dogs". In die periode praatte men over sporthonden als men het had over jachthonden of windhonden.

Graaf H. A. van Bylandt heeft met zijn boeken heel veel invloed gehad op de rashond in binnen en buitenland.

 

Pyreneese Herdershond

De Pyreneese Herdershond is ontstaan in de Pyreneeën en pas eeuwen na hun ontstaan erkend als rashond. Er is weinig over geschreven enDe Pyreneese Herdershond volgens Buffon er is weinig  beeld materiaal en in datgene wat geschreven staat heeft men het wel eens over herdershonden, maar worden ze nooit beschreven. Wel heeft de bevolking in de Pyreneeën het, in de overleveringen van vader op zoon, altijd over een herdershond heeft die uitmuntend werk verricht. Men schat in dat dit al eeuwen zo is.
In de 18e eeuw werd er door Buffon melding gemaakt van een herdershond. In een van zijn boeken stond een plaatje en er wordt gedacht aan een Pyreneese Herdershond a face rase. Op een afbeelding in het museum over de Pyreneeën, in Lourdes, ziet men een hond naast een herder en zijn vrouw, die mogelijk een Pyreneese Herdershond kan zijn. Deze afbeelding is gemaakt door de schilder
Alfred Dartiguenave.

In de encyclopedie van Graaf H. A. van Bylandt staat een afbeelding van de Pyreneese Herdershond. De hond is niet echt te herkennen op de tekening. Maar een melding van de naam staat er wel.

Tijdens de 1e wereld oorlog waren veel herdershonden uit de Pyreneeën, door het Franse leger, geconfisqueerd om dienst te doen in het leger aan het front. Ze werden ingezet als rode kruis hond, bewaker, boodschapper, etc..

Tijdens de oorlog vielen ze op omdat ze zich uitzonderlijk goed van hun taak kweten.

 

Pyreneese Herdershond op een afbeelding in een museum in LourdesDe Pyreneese Herdershond als rashond

Na de de 1e wereldoorlog vroeg een groep mensen het zich af hoe het kon dat zo'n goed herdershonden ras zo lang verborgen kon blijven. Er ontstond een soort fanclub voor de herdershonden uit de Pyreneeën onder aanvoering van Bernard Sénac-Lagrange. Door hun inspanningen werd ras in 1926 erkend door de SCC.

In dezelfde tijd is men gaan kijken waar het ras vandaan kwam.

Veel gegevens hebben ze niet kunnen vinden. Vaak hebben ze wel verhalen op kunnen tekenen die door de bevolking van de Pyreneeën onder elkaar rondgingen. Slechts hele wazige omschrijvingen van het ras konden ze in de oude literatuur vinden. Omdat de werkhonden van de herders minder belangrijk waren dan de honden van de rijken was er weinig over genoteerd.

Door inspanning van o.a. Bernard Sénac-Lagrange is de rasstandaard vastgesteld en goedgekeurd.

 

Mevrouw van Houwelingen, uit Bergen op Zoom, importeerde in de jaren zestig de eerste Pyreneese Herderhond. Het was een teef met de naam Robette du Hic. Later importeerde ze ook de teven Lhéris de L’Estaubé en Leda de l'Ourdissetou. Mevrouw van Houwelingen was de eerste die ln Nederland een nestje fokte. Haar fokkerij had de kennelnaam de l’Ornière. Mevrouw van Houwelingen heeft Lhéris de L’Estaubé 2 keer laten dekken door Madiran de L’Estaubé. Er kwamen een paar honden van hoge kwaliteit uit, zoals Payolle, P’drous, Soulor en Salanque.

Toen mevrouw Van Houwelingen stopte, leek er aan fokkerij in Nederland een eind te komen, maar gelukkig bleek Kees Hoogervorst een ambitieuze opvolger. Kees heeft, onder de kennelnaam des Gambis, met Salanque de l´Ornière de basis voor zijn kennel gelegd. Later heeft Kees de reu Nils Holgerson Talisman gebruikt op een teef uit de lijn van Salanque. Hier kwamen 2 reuen uit die beide het juiste beeld van de  ongecoupeerde Pyreneese Herdershond met hadden. Een van de 2 reuen was aan de grote kant, die heeft hij bij iemand anders onder gebracht en de kleinste heeft hij aangehouden. De reu die Kees heeft gehouden kennen veel mensen als Idefix des Gambis, een van de mooiste PyreneeseIdefix des Gambis Herdershonden die we in Nederland gezien hebben. Kees heeft Idefix teruggekruist op zijn oma. Met deze afstamming heeft hij zijn lijn verder verbetert.

In 2002 is kees overleden, waarmee een eind is gekomen aan de kennel des Gambis.

Salanque de l´Ornière, de hond waar Kees mee begon, is later naar Oostenrijk gegaan en heeft daar aan de basis gestaan van de kennel de la Vallée du Mouton, van Christiaan Janes,

Kees heeft, naast zijn fokkerij, ook mensen om zich verzamelt die de huidige PHC hebben opgericht. In begin 1989 begonnen de 1e acties om een club op te richten, halverwege 1989 vonden we een sponsor die geld sponsorde voor het passeren van de statuten bij de notaris. Eind 1989 was de club een feit, de eerste activiteit werd bij de AHC georganiseerd en zo ontstond de eerste club in Nederland die speciaal voor Pyreneese Herdershonden was. De club heeft zich in een paar jaar ontwikkelt van een club voor activiteiten tot de huidige rasverenging voor Pyreneese Herdershonden.

 

De Pyreneese Herdershond is geen populaire rashond. Hij stond in 2008 op een gedeelde 160e plaats. 0,07% van de inschrijvingen in het NHSB waren Pyreneese Herdershonden. Er werden toen 24 pups en 7 volwassen honden ingeschreven.

In 2009 stond de Pyreneese Herdershond op de 175e plaatst. 0,06% van de inschrijvingen in het NHSB waren Pyreneese Herdershonden. Er werden toen 19 pups en 7 volwassen honden ingeschreven.

 

Vanaf het moment dat de Pyreneese Herdershond frequenter gefokt werd, kennen we in Nederland alleen maar hobby fokkers. De fokkers in de beginjaren hadden allemaal hun eigen mening en daarin varieerden ze nogal. Hierdoor waren er veel verschillen in benadering met het gevolg dat er in die periode een fokker was die zelfs sprak over beertjes en vosjes. Nu, vele jaren later, zien we steeds meer overeenkomsten en kunnen we alleen nog maar verschillen ontdekken in prioriteiten bij de keuze van de ouderdieren. Zo zien we fokkers waarbij het werk vooraan staat, fokkers die vooral op uiterlijk bezig zijn en fokkers die hun balans zoeken tussen werk en uiterlijk.

 

Op het gebied van schapendrijven is er over de Pyreneese Herdershond niet veel bekend. Veel van de kennis is ontstaan uit verhalen die van vader op zoon zijn overgegaan. De manier van werken bij de schapen is daardoor voor een deel een aanname hoe een herdershond, in een woeste omgeving zoals de Pyreneeën, zou moeten functioneren.
Een hond die schapen en geiten drijft met "eye", heeft onvoldoende controle over het vee om het in onherbergzaam gebied naar de herder te drijven. Vee dat verscholen staat achter bosjes of een rotsblok, heeft geen contact met de starende hond en laat zich dan niet drijven. Een hond die drijft met zijn stem drijft ook alles wat hem niet ziet voor zich uit en hiermee naar de herder. Als we naar herdershonden kijken die in onherbergzame gebieden werken, zien we in Nieuw Zeeland dat de
Huntaway vooral ingezet worden in gebieden waar het vee beperkt zicht heeft op de hond. Vaak hebben deze grote schapenboeren ook de beschikking tot Border Collie, maar gezien het feit dat ze voor dit werk de Huntaway in zetten, zien we gelijk de praktische verklaring waarom de Pyreneese Herdershond in de bergen zo goed functioneert.
Als je de Pyreneeën goed bekijkt, zie je dat de bergen aan de Franse zijde steiler zijn dan aan de Spaanse zijde. Een hond die een laag zwaartepunt heeft kan makkelijker de berg op rennen om schapen of geiten te drijven, maar heeft als nadeel weinig druk te kunnen zetten op het vee vanwege zijn kleine formaat. Door een grote mond te hebben en zich overal zo groot mogelijk te gedragen, compenseerde de Pyreneese Herdershond zijn formaat en was er weinig vee dat niet luisterde. Nadeel van een kleine postuur is het werken in vlakke gebieden. In de vlakke gebieden heeft een kleine hond minder impact dan de grote hond.

Zo creëerden de herders een balans tussen de minimale hoogte en de maximale uitstraling van de hond. Deze belangrijke eis staat nu nog steeds bovenin de rasstandaard genoteerd. Doordat men in elk deel van de Pyreneeën andere omstandigheden had, kreeg men diverse schofthoogten. Zo zag men op de hoogste bergtoppen en in de steilste dalen de kleinste Pyreneese Herdershonden. Jacques Coly heeft de verschillende schofthoogten in kaart proberen te brengen en heeft genoteerd dat de kleinste Pyreneese Herdershonden te vinden waren op de hellingen in de vallei van Louron en nabij Luz St. Sauveur. Beide liggen in de hoogste en steilste gebieden van de Pyreneeën en tegenwoordig behoren ze tot het skigebied.

 

Omdat men vroeger geen koelkast had, was het belangrijk om vee levend naar de consument te brengen en daar te slachten. Om dit te realiseren werden er regelmatig grote kuddes slachtvee verplaatst naar de druk bevolkte gebieden. Waarschijnlijk werden de Pyreneese Herdershonden daar niet vaak voor gebruikt en gebruikte men meestal honden zoals de Labrit, een herdershond uit Les Landes die leek op de Pyreneese Herdershond maar een grotere schofthoogte had, de herdershond uit Langueduoc , en de Herderhond uit Garriques. Als men voor dit werk een Pyreneese Herdershond zou gebruiken is het niet ondenkbaar dat ze voor dit werk eerder de Pyreneese Herdershond a face rase gebruikten want de poil long is kleiner en functioneert dan minder goed.

Als men de werkhonden bekijkt die in Spanje en Portugal gebruikt werden, zie je aan de bergen dat daar de noodzaak om kleine honden te hebben minder aanwezig was. Grote honden werkten iets rustiger en waarschijnlijk konden die honden ook makkelijker in de vlakke gebieden gebruikt worden.